donderdag 7 februari 2013

Een nieuwe visie op Ondernemen en HRM

Dit artikel is voor het eerst op dit weblog verschenen in februari 2013 


Onderstaand artikel verscheen in een bewerkte vorm ook op de website Sociaal Vooruit en op de website van de SP afdeling Eindhoven

Een ondernemer die zich druk maakt om het geluk van zijn personeel?!

Op het vakgebied van personeelsmanagement of HRM, zien we al vele jaren trends die samen te vatten zijn met begrippen als empowerment, zelfsturende autonome taakgroepen, 360 graden beoordeling, intra-ondernemerschap, flexibiliteit en brede professionalisering.
Je ziet ook een ontwikkeling om medewerkers meer inspraak en medezeggenschap te geven via bijvoorbeeld de Wet op de Ondernemingsraad om de interne bedrijfsdemocratie versterken. Dat geeft het personeel bevoegdheden om invloed uit te oefenen op het ondernemingsbeleid. Op wezenlijke onderwerpen hebben medewerkersvertegenwoordigers niet alleen een advies- maar zelfs een instemmingsrecht, volgens de wet op medezeggenschap. Een andere al bestaande vorm van medewerkers inbreng is de rol van de vakbonden die namens het personeel onderhandelen met werkgevers over Collectieve Arbeidsovereenkomsten (cao’s), salarisontwikkelingen en afvloeiingsregelingen (sociaal plan).


Het meest verrassende en inspirerende voorbeeld dat ik ben tegengekomen is dat van de Braziliaanse ondernemer Ricardo Semler. In zijn boekSemco-stijl” dat al bijna twee decennia geleden voor het eerst verscheen beschrijft hij zijn zoektocht naar een meer democratische bedrijfsvoering. Hij wilde dat medewerkers zich zeer betrokken voelen bij het bedrijf en bijdragen aan de ontwikkeling en vernieuwing van het bedrijf, maar wel zonder bureaucratische of autocratische dwangmaatregelen. Hij schafte de prikklok af en stuurde tweederde van het management naar huis. Ook geen onnodige specialisatie van taken waardoor functies als receptionist, secretaresse, bode of postbezorger geschrapt werden.
In De Tegenlicht uitzendingKapitale kracht van geluk” (febr.2013) is een compleet portret van deze succesvolle en onorthodoxe entrepreneur Semler te zien en horen. Hij wordt gefilmd in zijn riante villa terwijl hij op een elektrische gitaar tokkelt en aan een Cubaanse sigaar trekt en hardop mijmert over de vraag hoe hij zijn personeel gelukkiger kan maken!

foto: Ricardo Semler

Zijn radicale aanpak werd in het begin verguisd , maar inmiddels kan Semler bogen op schitterende resultaten. Het familiebedrijf en metaal-elektrobedrijf Semco dat hij van zijn vader overnam in 1981 is uitgegroeid tot een multinational met een groot aantal verschillende bedrijven en activiteiten. De omzet- en winstcijfers en de groei van het personeel verbazen alle economen. Toch heeft ook Semco moeilijke jaren gekend door de economische crisis waarbij ook een loonoffer werd gevraagd van het personeel. Gelukkig was het personeel daartoe bereid en hoefde Semler geen extra medewerkers te ontslaan. Een voorwaarde was wel dat het personeel in de winst zou delen als het goed zou gaan. Inmiddels wordt 25% van de winst gelijkelijk onder het personeel verdeeld.
Andere voorbeelden van de doorgevoerde democratisering is het feit dat alle medewerkers bepalen of een nieuwe medewerker wordt aangenomen. In het verleden is het ook voorgekomen dat het hele personeel een bedrijfsuitstapje ging maken om de geschiktheid van een nieuwe bedrijfsgebouw te beoordelen. Het geeft iedere medewerker het gevoel maar ook de mogelijkheid om samen het beleid te bepalen. Daardoor is er sprake van een sterke motivatie en grote betrokkenheid van het personeel.
Nog extremer is het feit dat medewerkers hun eigen salaris bepalen. In een jaarlijkse ronde kan iedereen zijn salariswensen kenbaar maken, maar deze zijn wel openbaar. Collega’s zien de salariseisen ook. Daarnaast krijgt het hele personeel een opleiding van de vakbond om de financiële verslagen van het bedrijf te kunnen lezen en beoordelen. Zodoende is iedereen op de hoogte van de financiële gezondheid van het bedrijf en zal daar zijn/haar looneisen op aanpassen. Het personeel bepaalt ook gezamenlijk waar de overige winst aan besteed gaat worden.
Medewerkers beoordelen jaarlijks niet alleen collega’s maar ook de managers en leidinggevenden, dat heet tegenwoordig een 360 graden beoordeling. Iedereen bepaalt zijn eigen werktijden en wordt daarop ook niet gecontroleerd. Hoe en wanneer is niet relevant als de hoeveelheid afgesproken werk maar afkomt. Medewerkers zijn breed inzetbaar en functioneren als autonome zelfsturende teams. Het motto is dat je mensen respectvol behandelt en volwassen benadert door ze een zeer grote mate van inspraak en medezeggenschap te geven en daar is het bij democratisering van het bedrijfsleven om te doen.
Wie denkt dat een dergelijke visie alleen ver weg kan in Brazilië, maar zeker niet in Europa vergist zich. Bij de Nederlandse financiële dienstverlener Finext
met 130 medewerkers werkt men in kleine zelfsturende teams met een eigen winst- en verliesrekening en kan men ook het salaris zelf bepalen. De randvoorwaarde is wel dat de salarissen van alle collega's op intranet staan. Vind je dat je excellent hebt gepresteerd dan vraag je om een salarisverhoging. In een zelfgeschreven evaluatieverslag moet je dan wel input vragen van klanten en collega's en die verwerken. Een uitdagende werkomgeving, een bedrijfscultuur om trots op te zijn en als laatste vrijheid en verantwoordelijkheid in het eigen werk zijn intrinsieke motivatiefactoren die nog belangrijker zijn.
Zeer interessant is ook het vervolgboek op Semco Stijl dat in het Engels heet "The Seven-Day weekend" en in het Nederlands "Een weekend van zeven dagen" dat uitgegeven is in 2003.
Daarin legt Ricardo Semler nog eens uitgebreid zijn intenties en opvattingen uit over een bezielde organisatie, die zoveel mogelijk vrij gemaakt is van verstikkende regels. Geen vaste werktijden, geen ICT- of HRM-afdeling, geen visie en missie, geen strategische beleidsplannen etc. Laat medewerkers zoveel mogelijk vrij en geef ze de ruimte en het vertrouwen om innovatief en creatief te zijn. De goede bedrijfsresultaten zullen vanzelf volgen.

Over het vraagstuk van het bedrijfseigendom heeft Semler aangegeven dat hij het eigendom wil gaan overdragen aan een Stichting die de volledige familie aandelen zal gaan overnemen. De Stichting zal bestuurd gaan worden door 21 leden (werknemers en buitenstaanders en waarvan Semler’s familieleden zijn uitgesloten!). Het geeft wel aan dat Semler intuïtief aanvoelt dat bedrijven geen privébezit zouden moeten zijn en niet overerfbaar. De productiemiddelen zouden beschikbaar gesteld moeten worden aan personen die economisch bekwaam zijn om een bedrijf te leiden en dat de resultaten (winsten) niet alleen bijgeschreven kunnen worden op persoonlijke rekeningen. Bedrijven zijn eigenlijk van niemand of juist van ons allemaal. Via een Stichtingstructuur is een bedrijf als het ware geneutraliseerd en behoort niet meer toe aan privépersonen.

dinsdag 15 januari 2013

Fontys Docentevent 2013

Dit artikel is voor het eerst op dit weblog verschenen in januari 2013 















Studiedag Evoluon

De op 10 Januari jl. gehouden docentenbijeenkomst stond in het licht van vele nieuwe ontwikkelingen in het onderwijs. De intentie was om recente ontwikkelingen te delen met elkaar. Zo waren vele verschillende workshops in de ochtend onder de noemer ”Meet & Share” en ’s middags werden ze “Learn & Share” genoemd. Een lid van de Raad van Bestuur Wilma de Koning zei tijdens haar inleiding dat het ook net zo goed “Eat en Share” had kunnen heten want overal tijdens de koffie en de lunch was het een gezellig druk geroezemoes. Er was kennelijk veel uit te wisselen en te bespreken en meer dan alleen een nieuwjaarsgroet.

De opkomst was buitengewoon hoog, met zo’n 450 aanwezigen, en ik hoorde iemand zeggen dat het zelfs volgeboekt was. De voorbereiding was goed met informatie voor iedere deelnemer die bestond uit een folder waar de verschillende workshops (plaats en thema) op stonden en een badge waarop stond voor welke workshop je je al eerder had opgegeven. De workshops vonden voornamelijk plaats op de 1e en 2e ring bovenin het Evoluon. Met provisorische zwarte doeken waren afscheidingen gemaakt voor de verschillende werkgroepen. Door deze eenvoudige afscheidingen en de geringe afstand tussen de groepen was de akoestiek echter zeer gebrekkig. Tijdens een werkgroep hadden we grote moeite om elkaar te verstaan, ondanks dat we redelijk dicht bij elkaar zaten.

Na de eerste ronde van werkgroepen en de koffiepauze was er in de grote Philips Hall een inspirerende lezing van de Leidse professor en filosoof Bas Haring. Ondanks zijn vrij jeugdige uiterlijk, eenvoudige kleding en ongedwongen houding had hij een prima verhaal over het onderwijs.
Vooraf bekende Haring ook heel nederig dat hij eigenlijk een slechte docent was, want hij kon eigenlijk maar een ding en dat was hoorcolleges geven. Hij kon alleen “verhaaltjes vertellen” en niet variëren in andere les- of werkvormen.
In de vorm van een paar losse verhaaltjes uit het dagelijkse leven, door Haring ook wel parabels genoemd, probeerde hij een paar fundamentele aspecten van het onderwijs duidelijk te maken.
Zo gaf hij een voorbeeld dat het unieke/bijzondere van de grondsoort veen hem pas echt duidelijk werd toen hij deze gele, stinkende smurrie door zijn handen had laten gaan. Haring kwam ook met het voorbeeld dat hij, als basisschool leerling, de namen van hoofdsteden van landen moest leren zonder een goed begrip te hebben wat “hoofdstad” eigenlijk betekent. In de VS is dat wel duidelijk, want Capitol betekent die plaats van een land waar de regering zetelt. Voor Nederland zou dat dus Den Haag zijn en dus niet Amsterdam. Haring wilde daarmee duidelijk maken dat docenten eigenlijk alleen zaken moeten overdragen die authentiek zijn, die je zelf hebt meegemaakt, maar die ook “alle” zintuigen van studenten of leerlingen aanspreken.

Een ander belangrijke voorwaarde voor goed onderwijs zei hij, was de verwondering of verbazing. Die openheid of nieuwsgierigheid is de belangrijkste voorwaarde voor het leerproces. In een dergelijke staat van bewustzijn is het gewone rationele denken en het normale verwachtingspatroon even stilgelegd en ga je opnieuw vragen stellen en stort je je volledig in de waarneming.
Een docent moet die houding bij leerlingen koesteren en daarom vooral niet te vroeg vragen doelgericht beantwoorden, want dan is de vragende houding misschien al meteen voorbij. Je zou veel meer moeten leren spelen met vragen. Beantwoord bijvoorbeeld vragen die beginnen met waarom met tegenvragen, maar dan enigszins vereenvoudigd zodat de vraagsteller zelf in de gelegenheid gesteld wordt een antwoord te geven. Dat geeft meer voldoening dan een “quick answer” van een leraar. Haring vertelde dat waaromvragen altijd een dubbele betekenis hebben. Waarom vraagt enerzijds naar een betekenis, de zin of het doel maar kan ook betekenen dat je wil weten hoe iets achtereenvolgens gebeurt en dus het chronologisch proces beschrijft.
Zo vroeg een jong meisje, tijdens een bezoek aan het Boerhaave museum, ooit aan Bas Haring: “waarom is er leven”. Hij antwoordde met een wedervraag “Waarom ontploft een ei als je het in de magnetron verhit?? De wedervraag bleek achteraf voldoende om voorlopig de nieuwsgierigheid van het meisje tevreden te stellen.
De zingevingsvraag is natuurlijk altijd het moeilijkste te beantwoorden en zeker voor hele jonge mensen.

Een ander belangrijke boodschap die Haring met de aanwezigen wilde delen was het feit dat de kwaliteit van onderwijs niet simpel in één cijfer of kwaliteitsnorm kan worden vastgesteld. Het onderwijs is daarvoor een veel te complex verschijnsel. Deze goede raad zouden wij juist ter harte moeten nemen nu de Fontys kwaliteitsagenda streeft naar minimale cijfers voor docent- en studenttevredenheid die eendimensionaal zijn. “We gaan de lat hoger leggen” is ook een veel gehoorde managementkreet die echter op zichzelf niets verandert aan het onderwijs. Als we hogere slaagpercentages willen realiseren zullen we misschien meer energie en tijd in de voorbereiding of begeleiding moeten stoppen. Pas dan kan er iets veranderen. Achteraf kunnen we vaststellen dat zo’n ogenschijnlijk los-uit-de-mouw-verhaaltje wel degelijk een interessante, ethische boodschap kan bevatten, maar vooral toch zeer kan boeien.


Filosoof, hoogleraar, publicist en tv-presentator Bas Haring is een veelzijdig persoon. Hij heeft een aantal verrassend eenvoudig geschreven filosofieboeken en zelfs een leuk boek voor kinderen "Kaas en de evolutietheorie".
Andere opvallende titels van boeken zijn: Plastic panda's, Vallende kwartjes, Echt succesvol leven en het aquarium van Walter Huysmans.





De werkgroepen ‘s-middags stonden vooral in het teken van de nieuw te ontwikkelen competenties die horen bij de hogeschooldocent anno 2013, te weten mediawijsheid en onderzoeksvaardigheden naast de al langer vereiste toetsbekwaamheid en didactische vaardigheden. Nieuwe ontwikkelingen en interessante voorbeelden werden gepresenteerd.

Persoonlijk vond ik de mogelijkheid om met een Lid van de Raad van Bestuur te “speed daten” een hele interessante waar ik ook gebruik van heb gemaakt. Samen met docent duurzaamheid van de opleiding Werktuigbouwkunde Mevr. Sietske Smulders-Dane hebben wij Fontys RvB-voorzitter Marcel Wintels aan de tand gevoeld over het thema Duurzaamheid in het Hoger Onderwijs. Hij vond het vooral een taak van de opleidingen en niet zinvol of effectief als centraal beleid vanuit de RvB. Wel noemde Marcel de nieuwbouw van de Sporthogeschool in Eindhoven als voorbeeld waar de directie wel een rol heeft gespeeld m.b.t. duurzaamheid. Dit net in gebruik genomen gebouw (functioneel en transparant) in de Genneper parken heeft een duurzaam energiesysteem met zonnepanelen en daarnaast bamboe als afwerkingsmateriaal. Bamboe is het snelst groeiende natuurlijk materiaal met veel gunstige eigenschappen en daarom zeer geschikt als bouwmateriaal.

donderdag 13 december 2012

Maatschappelijk betrokken studenten

Dit artikel is voor het eerst op dit weblog verschenen in december 2012 



Students in Free Enterprise (SIFE) is wereldwijd actief!



SIFE Fontys Eindhoven bestaat sinds september 2011. Het geeft studenten de kans om actief te zijn naast hun studie. Door de combinatie van sociaal ondernemerschap en persoonlijke ambities wil deze wereldwijde organisatie projecten tot stand brengen die een verschil maken in het leven van mensen die hulp kunnen gebruiken. Het is een beetje vergelijkbaar met de vroegere aan universiteiten gekoppelde wetenschapswinkels. Het geeft studenten de kans om anderen te helpen en tegelijkertijd zichzelf te ontwikkelen via vrijwilligerswerk.
Door middel van projecten en teamwork ontwikkel je ook leiderschapsvaardigheden. SIFE stimuleert ook ondernemersvaardigheden en een proactieve houding. Succesvolle projecten weten in te springen op noden en behoeften uit de samenleving . De bedoeling is om met de verzamelde kennis en vaardigheden van studenten zoveel mogelijk mensen in en om Eindhoven te helpen. Dit kan door het ontwikkelen en opstarten van sociale projecten die gericht zijn op het verbeteren van de kwaliteit van leven van de betrokkenen.

Netwerk
Door het jaar heen organiseert de landelijke organisatie SIFE The Netherlands trainingsdagen, leiderschapsevenementen en ontmoetingen met partners. Deze evenementen dragen bij aan het opbouwen en uitbreiden van een netwerk.
SIFE geeft studenten de kans om hun steentje bij te dragen aan de maatschappij terwijl ze tegelijkertijd ervaring opdoen in de samenleving . Zoals het voor bedrijven bijna vanzelfsprekend is om Maatschappelijk Verantwoord te Ondernemen (MVO) zo kun je ook via SIFE als toekomstig beroepsbeoefenaar je sociale en maatschappelijke competenties ontwikkelen.

Mode met een Missie
Dit project van SIFE biedt vrouwen met een kwetsbare achtergrond een zinvolle dagbesteding, opleiding en opstap naar werk. Zij werken in speciaal opgezette mode-ateliers. Hierbij leren ze arbeidsvaardigheden en worden ze voorbereid op toekomstig betaald werk in diverse sectoren. Mode met een Missie is een stichting met verschillende ateliers in Nederland, waaronder Arnhem, Rotterdam en Eindhoven. Door bezuinigingen is het atelier in Eindhoven niet meer in staat om de werkzaamheden zelfstandig voort te zetten. De studenten van SIFE Fontys Eindhoven gaan hun bedrijfskundige- en economische kennis en ervaring inzetten om het atelier een nieuwe impuls te geven, waardoor het project zelfstandig kan blijven opereren en derhalve niet langer afhankelijk is van subsidies of sponsors.

Inspired to get hired! Een ander recent SIFE-project is “Solliciteren kun je leren”! Met behulp van workshops worden vroege schoolverlaters meegenomen in de wereld van het solliciteren. Hierbij leren ze hoe ze zich beter kunnen presenteren en ook hun gespreksvaardigheden kunnen ontwikkelen. De workshop bestaat uit een korte uitleg over hoe te solliciteren, gevolgd door rollenspellen. Via dit project geven wij deze jongeren wat meer zelfvertrouwen, waardoor hun kansen op een baan worden vergroot.

Dus als je je studie nog interessanter en betekenisvoller wilt maken en tegelijkertijd je netwerk en je ervaring wilt vergroten bezoek dan een introductiebijeenkomst.
Na 2012 heeft de organisatie ook een andere naam gekregen Enactushttp://www.enactus.nl/ 
Daarnaast zijn er nog SIFE- afdelingen overgebleven, zoals in Amsterdam. http://www.efficientis.nl/sife/sife
 

maandag 10 december 2012

Energiecoöperatie Waalre van start


Dit artikel is voor het eerst op dit weblog verschenen in december 2012 






Eind november is de eerste informatiebijeenkomst van Waalre Energie Lokaal (WEL) gehouden in cultureel /sportcentrum ’t Hazzo. De belangstellig was meteen groot met een opkomst van zo’n 175 mensen. Een tweede informatiebijeenkomst zal gehouden worden in ’t Klooster voor de dorpskernbewoners aldaar op 9 januari as.

Tijdens de avond werd voorlichting gegeven over het ontstaan en de plannen van deze energiecoöperatie. Zij willen beginnen (bij voldoende leden) met het collectief inkopen van duurzame energie en op wat langere termijn met het organiseren van eigen energieopwekking via zonnepanelen en mogelijk een windturbine in Waalre.

Het initiatief wordt gesteund door een financiële bijdrage vanuit het Rabo Coöperatieffonds en mag rekenen op steun van de Waalrese wethouder Piet dan Dalen, die ook mede-initiatiefnemer is.













Daarnaast zijn er ook nauwe contacten met Kabeltelevisie Waalre, omdat het nu aangelegde glasvezelnetwerk mogelijkheden biedt in de toekomst voor een slimme verbinding (smart grid) van de opgewekte energie.

De prijs van energie zal de komende jaren waarschijnlijk steeds meer gaan stijgen en dus is eigen opwekking tegen vaste prijzen gedurende langere termijn extra voordelig. Het verkleint tegelijkertijd de macht van de huidige grote energieleveranciers.

“Verbeter de wereld en begin bij jezelf” wordt opeens heel concreet dankzij dit groene burgerinitiatief. Vanaf 2013 wil WEL al 100% groene energie leveren aan de leden en tegen gunstige voorwaarden. Door te kiezen voor een ledencoöperatie kunnen leden samen mee beslissen over de ontwikkeling van het collectief .

In Nederland zijn een aantal regionale en landelijke energiecoöperaties actief. De hoeveelheid deelnemers kan variëren van enkele tientallen tot duizenden. Waarschijnlijk is Noordenwind, een vereniging voor collectief bezit van windmolens in Noord-Nederland, de oudste. Deze vereniging bestaat sinds 1986, heeft 500 leden en beheert inmiddels op verschillende plaatsen in Friesland en Groningen windturbines. Inmiddels is het werkterrrein ook verbreed naar zonne-energie.
De grootste overkoepelende organisatie voor duurzame energie is sinds 1979 de Organisatie Duurzame Energie(ODE) met verschillende afdelingen voor onder andere zonne- en wind- energie. In 2012 zijn verschillende initiatieven genomen om het werk van energiecoöperaties en vergelijkbare lokale initiatieven te bundelen of te ondersteunen. Zo zijn er de Verenigde Energie Coöperaties (V.E.C.)en de Vereniging Federatie Decentrale Duurzame Energie Nederland E-decentraal.


Geïnteresseerden kunnen zich aanmelden als lid of als aspirant-lid. Aspirant-leden blijven zo op de hoogte van het initiatief en kunnen in een later stadium altijd nog definitief kiezen voor een volledig lidmaatschap.
Voor meer informatie zie ook www.waalreenergiellokaal.nl

dinsdag 27 november 2012

Hoe realiseer je een bezielde organisatie ?

Dit artikel is voor het eerst op dit weblog verschenen in november 2012 



Een inspirerende Toplezing van Giel Pastoor.



Afgelopen maandag slaagde de huidige directeur (en beweegstrateeg) van het Parktheater Giel Pastoor erin om voor een volle zaal van studenten en docenten van Fontys Hogeschool Bedrijfsmanagement, Educatie en Techniek ruim 90 sheets te bespreken in een overdonderend tempo. Daarbij vertelde hij hoe hij een organisatie met ruim 100 medewerkers in drie jaar tijd op zijn kop heeft gezet en een verliesgevende club omgevormd heeft tot een inspirerende, succesvolle en gezonde financiële organisatie.
 Een knappe prestatie die inmiddels ook op verschillende manieren beloond is geworden met o.a. “de Gouden Struif” (een marketingprijs speciaal voor podiumkunsten), “de Beste Werkgever van Brabant van 2011 ” in de categorie non-profit en "Het Slimste bedrijf van Nederland" in 2012 (samen met zo'n tien andere bedruijven).

Pastoor is erin geslaagd om veel bestaande heilige huisjes omver te gooien en het personeel weer uit te dagen en te bezielen. De meest opvallende daarbij is bijvoorbeeld de omvorming van een hiërarchische organisatiestructuur naar een platte bloembladen structuur. Verder heeft hij het managementteam simpelweg afgeschaft omdat het vernieuwing en inspiratie eerder tegenhield dan bevorderde. De meeste vergaderingen zijn ook afgeschaft en door Pastoor beschouwt als verspilling van tijd. In de huidige kantoortuin is ruimte volop om elkaar te ontmoeten en te spreken dat hoeft dan dus niet meer op vooraf afgesproken tijden.
Eind 2007 is Pastoor begonnen bij het Parktheater dat toen net geheel was verbouwd en uitgebreid maar ook kampte met een financieel tekort van ruim € 7 ton. Om een winstgevende exploitatie te realiseren is er flink gesneden in onrendabele programmering. Zo waren de 20 opera’s op jaarbasis onacceptabel, omdat er maar een klein publiek van liefhebbers voor bestaat.

De bevlogen beweegstrateeg, zoals hij zichzelf graag ziet, heeft als logo een getekend hart gekozen met als onderschriftRaak Elkaar”.
 Dat is ook letterlijk de intentie van Kunst, dat een publiek wil ontroeren en raken maar ook als boodschap voor het personeel dat ook de gasten en het publiek moet durven aanspreken, ontmoeten en inspireren.
Pastoor is begonnen met speciale bijeenkomsten Meet & Greet voor het personeel met het publiek en daarnaast een Parktheater Academy waar artiesten uit de diverse culturele gebieden het personeel komen vertellen waar het om draait zodat het gehele personeel ook zelf meer bekend is met Kunst en de diverse uitingen en daarover kunnen vertellen aan gasten. Zo heeft Claudia de Breij dat gedaan en vertelt hoe zij als artiest de ontvangst rondom een optreden ervaart . Dat leverde veel bruikbare tips op voor verbetering.

Leuk was het om te horen dat iedere medewerker wanneer hij/zij inlogt op de website eerst een aantal Quizvragen voorgeschoteld krijgt die beantwoordt moeten worden alvorens aan het werk te kunnen gaan. Het zijn allerlei soorten vragen over voorstellingen of wetenswaardigheden over de organisatie en het personeel
Dat levert regelmatig stof voor gesprek op en is ook een leuke manier om allerlei informatie te delen. Dat scheelt nieuwsbulletins en notulen van vergaderingen.
Het personeel wordt ook geprikkeld om elkaar te informeren door een inleiding te verzorgen over wat hem of haar bezielt en dat hoeft niet perse over het werk te gaan. Het mag ook over een hobby of nevenactiviteit gaan. Zo leren medewerkers elkaar veel beter kennen maar ook waarderen. Medewerkers mochten ook voor zichzelf geuzennamen bedenken die een meer persoonlijke boodschap uitdraagt dan een saaie algemene functieomschrijving. Zo staan er op visitekaartjes van medewerkers termen als cijferkraker, duivelstoejager, blijheidsgoeroe en klantknuffelaar.
Verder is er ook een Pa-Troonrede in het leven geroepen waar een prominent persoon zijn visie mag uitspreken voor het voltallige personeel van het Parkttheater. De laatste keer is dat gedaan door Jacco Verhaeren, de zeer succesvolle zwemcoach met olympische winnaars uit Eindhoven.

Zeer indrukwekkend zijn ook de pogingen om als plaatselijke schouwburg en theater in contact te komen met maatschappelijke organisaties. Zo heeft het Parktheater voorstellingen verzorgd mét en vóór ouderen die woonachtig zijn in verpleegtehuizen van Vitalis . Er zijn ook activiteiten in samenspraak met Neos, de organisatie voor opvang daklozen. Zo heeft Theo Maassen zich voorgedaan als zwerver en ging op straat bedelen maar werd niet eens herkend door het winkelend publiek. Sommige muziekvoorstellingen worden nu ook integraal uitgezonden in Ziekenhuizen (via de radio).
 Het Parktheater maakt echt werk van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Hieronder valt bijvoorbeeld ook het project Raak dat is opgezet speciaal voor kinderen in de leeftijd van 8 tot 14 jaar die podiumervaring willen opdoen.

Het Parktheater is een NV met als enige aandeelhouder de gemeente Eindhoven. Toen er weer winst werd gemaakt heeft het Parkttheater een deel van het netto resultaat (zo’n € 7 ton ) teruggeschonken aan de Gemeente. Dat was zeer onverwachts en vergde de nodige onderhandelingen. 
De rest is gestort in een innovatiefonds TinX om vooral jongeren op te leiden en te interesseren voor een loopbaan in de culturele sector.

In januari 2015 is het Parktheater uitgeroepen tot "Theater van het Jaar". Deze uitverkiezing gebeurt door leden van de Vereniging van Vrije Theater Producenten (VVTP). De nominaties konden door alle werknemers van VVTP worden gedaan. Er kon gescoord worden op verschillende criteria zoals uitstraling, communicatie, ondernemerschap en gastvrijheid. Vooral dat laatste werd geroemd in het juryrapport.

De vele voorbeelden die Pastoor heeft beschreven maken overduidelijk dat het mogelijk is om een organisatie springlevend te maken. De strategie, structuur en vooral ook de cultuur van een organisatie zijn maakbaar en beïnvloedbaar. Dat is zeer goed nieuws voor alle Bedrijfskundigen.

donderdag 22 november 2012

Ekoplaza , het meest duurzame merk van 2012.

Dit artikel is voor het eerst op dit weblog verschenen in november 2012 



De uitverkiezing van EkoPlaza vond plaats tijdens het Nationale Sustainability Congres op 21 november. Behalve EkoPlaza waren genomineerd Dr. Hauschka (cosmetica) en KRNWTR (nieuwe organisatie voor promotie van kraanwater).

EkoPlaza is een keten van ruim 50 winkels, verdeeld over Nederland en gespecialiseerd in biologische voeding. Het bedrijf begon ooit in 1980, opgericht door Gerard Does als biologische buurtwinkel in Amsterdam maar is inmiddels in Veghel (N-Br) gevestigd. Vorig jaar en het jaar daarvoor mocht Weleda(cosmetica) zich een jaar lang meest duurzame merk van Nederland noemen. Het was dan ook Weleda-directeur Hans Nijnens die de prijs (een beeld van Daan de Leeuw) mocht uitreiken. Dhr. Nijnens kon uit ervaring spreken door te vermelden dat deze publieksprijs van meest duurzame merk vooral een bevestiging is dat je op de goede weg bent. Als het om duurzaamheid gaat kun je je altijd verder ontwikkelen, het is geen eindstreep.
Toevallig ken ik Hans Nijnens nog van de tijd dat hij muziekleraar was op de Vrije School Brabant in Eindhoven en mooie muziek- en toneelvoorstellingen ten gehore bracht met het bovenbouwkoor en schoolorkest.Voordat hij de overstap maakte naar Weleda was hij ook een paar jaar voorzitter van de beleidsvergadering en daarmee informeel tijdelijk directeur van deze middelbare school.


De organisatie hanteert ook als merk “het dichtst bij de natuur” en voert in haar assortiment een groot aantal Demeter producten (keurmerk van biologisch-dynamische producten). De bio-dynamische landbouw heeft juist deze maand haar 75 jarig jubileum gevierd in de Rode Hoed te Amsterdam. Dr.ir.E.Goewie, emiritus hoogleraar Ecologische Landbouw aan de Wageningen Universiteit hield een lezing om duidelijk te maken dat deze Bio-dynamische benadering wel degelijk wetenschappelijk is onderbouwd.
Juist deze week is ook het appelras Dalinco als beste appel van Nederland uitgeroepen door de smaakjury van Nieuwvers.nu. Deze appelsoort wordt geteeld door de biologisch-dynamische fruitteler Harrie van den Elzen uit het Brabantse dorp Zeeland.
De biologisch-dynamisch landbouw is ontwikkeld op aanwijzigingen van Rudolf Steiner die in 1924 een landbouwcursus gaf. De belangrijkste uitgangspunten daarbij waren dat hij pleitte voor gemengde bedrijven(akkerbouw én veeteelt) en gesloten (stof-)kringlopen. Wat nu heel modern is en bepleit wordt door de Cradle to Cradle visie van Braungart en McDonough was dus al bijna een eeuw geleden voor het eerst bedacht.
Kosmische invloeden spelen ook een rol bij bedrijven van landbouw zoals bijvoorbeeld de maanstand op zaaien en oogsten. Verder staat de bio-dynamische landbouwmethode geen kunstmest en chemische onkruidverdelgers toe. Er mag alleen natuurlijke,dierlijke mest aangevuld met preparaten gebruikt worden.

De doelstelling van EkoPlaza is om ervoor te zorgen dat biologisch eten betaalbaar en voor iedereen bereikbaar is. EkoPlaza is de grootste biologische supermarkt van de Benelux. EkoPlaza is de winkelformule waar ook franchisenemers deel van uitmaken en georganiseerd zijn onder de naam Biosfeer bv (vanaf 1999 ). Samen met Udea bv (groothandel, ontstaan in 1999 en volledig eigenaar van EkoPlaza) , Organic retail partners bv en New Organic World bv vallen deze bedrijven onder de holding en familiebedrijf DoBriDo en zijn er circa 600 mensen werkzaam.

Aan de leiding staan de ondernemers Erik Does (zoon van Gerard en nu algemeen directeur) en Eric-Jan van den Brink (commercieel directeur) en zij namen de prijs dan ook persoonlijk in ontvangst.

EkoPlaza heeft inmiddels ook een sponsorcontract afgesloten voor twee jaar met Olympisch kampioene Snowboarden Nicolien Sauerbrei die zelf ook al jaren biologisch eet.

Deze prijs is een belangrijke erkenning dat biologische voeding (met merken als Eko en Demeter) daadwerkelijk bijdraagt aan een duurzame toekomst. Het is wel jammer dat door de rechtsvorm (een combinatie van besloten vennootschappen) echte transparantie ontbreekt en het onduidelijk is hoe toekomstbestendig het bedrijf is.

Update 2018.
In het voorjaar werd bekend dat Groothandel Udea een nieuw modern distributiecentrum gaat bouwen waar de installaties ontworpen en gerealiseerd zullen worden door het nabij gelegen bedrijf VanderLande dat ook in Veghel gevestigd is en bekend is van de pakket- en koffer-transportbandsystemen. In een magazijn zullen producten op drie verschillende temperaturen worden opgeslagen. Zo'n 140 karretjes zullen volautomatisch de orders verzamelen. Een ander unicum is het feit dat ze nu een winkel in Amsterdam zo hebben ingericht dat deze geheel zonder plastic verpakkingen draait. Deze plasticvrije winkel is mede door stimulans van de Engelse organisatie Plastic Free tot stand gekomen. Inmiddels zijn er 75 winkels in Nederland en er werken zo'n duizend mensen in totaal.

donderdag 15 november 2012

Innovatie op gebied van Windenergie

Dit artikel is voor het eerst op dit weblog verschenen in november 2012 



Eindhovens bedrijf Ibis Power wint Rabobank Innovatieprijs.



IRWES van Ibis Power, winnaar van de Herman Wijffels Innovatieprijs 2012, is een origineel ontwerp van een geïntegreerd windenergiesysteem voor daken van gebouwen in de bebouwde kom.
De ingenieurs Alexander Suma en Rossella Ferraro, werkzaam voor de Technische Universiteit Eindhoven(TU/e) winnen € 50.000 om hun innovatie verder te ontwikkelen.



IRWES is een systeem waarmee windenergie opgewekt wordt op daken van gebouwen, in harmonie met de architectuur, efficiënt en met een korte terugverdientijd. De windturbine bevindt zich aan de binnenkant en uiterlijk zijn er geen opvallende beweegbare delen.

Model van windstromen op een gebouw.


Irwes staat voor Integrated Roof Wind Energy System en kan modulair worden opgebouwd en toegepast op allerlei soorten daken van hoge gebouwen en is tegelijkertijd onopvallend. Volgens de jury zou IRWES wel eens voor de doorbraak van windenergie in de bebouwde kom kunnen gaan zorgen.

Een klein prototype van 4 bij 4 en 6 meter hoog is gebouwd nabij luchthaven Maastricht.


Prototype in Meerssen


Dankzij een prijs gewonnen bij de 55e verjaardag van de Technische Universiteit en uitgereikt door Burgemeester Rob van Gijzel kan er ook een grootschalige pilot gerealiseerd worden op het TU-terrein eind 2012. Dan wordt een unit bevestigd op het gebouw met de naam Vertigo dat ontworpen is door Eindhovense architect Bert Dirrix. Vanwege de hoogte van 57 meter was dit bouwwerk uitermate geschikt.